Blog
WCAG bestaat uit vier principes: POUR.
Waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust, uitgelegd in gewone taal aan de hand van de 86 succescriteria.
WCAG heeft vier principes: waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust.
In het Engels POUR, naar perceivable, operable, understandable en robust.
Elk van de 86 succescriteria in WCAG 2.2 valt onder een van die vier, verdeeld over dertien richtlijnen.
Die indeling is geen theorie, maar een manier om te bepalen waar een probleem zit en wie het oplost.
Een video zonder ondertiteling is waarneembaarheid en hoort bij de redactie.
Een dropdown die niet met het toetsenbord opengaat is bedienbaarheid en hoort in het thema.
Waarneembaar: komt de informatie binnen?
Waarneembaar betekent dat alle informatie op te nemen is, ook als een van je kanalen wegvalt.
Concreet: tekstalternatieven bij afbeeldingen (succescriterium 1.1.1), ondertiteling bij video (1.2.2), minimaal 4,5 op 1 contrast tussen normale tekst en achtergrond (1.4.3) en een pagina die bij 400 procent zoom leesbaar blijft zonder horizontaal scrollen (1.4.10).
Wat er in de praktijk misgaat:
- Alt-teksten als "afbeelding" of "logo-def-2", of een lege alt op een foto die wel informatie draagt.
- Lichtgrijze tekst op wit: ontstaan in het designtraject en daarna nooit gemeten.
- Kleur als enige aanduiding, zoals een status die alleen aan een gekleurde bol te zien is (1.4.1).
Bedienbaar: werkt alles zonder muis?
Bedienbaar betekent dat elke functie met het toetsenbord te gebruiken is, niet alleen met muis of aanraking.
Dat is succescriterium 2.1.1 en daar lopen maatwerkcomponenten het vaakst op stuk.
Erbij horen een zichtbare focusindicator (2.4.7), een focus die niet achter een vaste header verdwijnt (2.4.11, nieuw in WCAG 2.2) en klikdoelen van minstens 24 bij 24 pixels (2.5.8, ook nieuw).
- Een div met een klikhandler in plaats van een button, dus onbereikbaar met tab en enter.
- Een modal waaruit de focus wegloopt, of die niet met escape sluit.
- Een focusring die is weggehaald omdat hij niet in het ontwerp paste.
Begrijpelijk: snapt de bezoeker wat er gebeurt?
Begrijpelijk gaat over voorspelbaarheid en taal, niet over eenvoudig schrijven alleen.
Het principe vraagt een correct ingestelde paginataal (3.1.1), labels bij formuliervelden (3.3.2), een foutmelding die zegt hoe je het herstelt (3.3.3) en navigatie die overal op dezelfde plek staat (3.2.3).
WCAG 2.2 voegde toegankelijke authenticatie toe (3.3.8): een inlog mag geen geheugen- of puzzeltest zijn zonder alternatief.
- Een placeholder als enig label, die verdwijnt zodra je begint te typen.
- Een foutmelding bovenaan zonder verwijzing naar het veld dat fout is.
- Een Nederlandse site met Engels als paginataal, waardoor een schermlezer met Engelse uitspraak leest.
Robuust: begrijpt de techniek het ook?
Robuust is het kleinste principe en het meest technische: twee succescriteria, over naam, rol en waarde (4.1.2) en over statusmeldingen (4.1.3).
Hulpsoftware moet kunnen uitlezen wat een element is, in welke staat het staat en wat er net veranderde.
Succescriterium 4.1.1 over parsing is in WCAG 2.2 vervallen, want moderne browsers vangen kapotte HTML zelf op.
- Een zelfgebouwde tabcomponent zonder rollen en states, dus voor een schermlezer een rij losse links.
- Een melding of filterresultaat dat visueel verschijnt maar niet wordt aangekondigd.
- ARIA over correcte HTML heen, wat vaker kapotmaakt dan repareert.
Hier zit de reden dat ik toegankelijkheid als codewerk behandel en niet als plug-in: een overlay die het in een regel JavaScript belooft, raakt de semantiek van je componenten niet aan.
Hoe het wel werkt staat op mijn pagina over digitale toegankelijkheid.
Niveau A, AA en AAA: wat is het verschil?
De drie niveaus zijn geen drie soorten toegankelijkheid, maar drie drempels binnen dezelfde set criteria.
Ze zijn cumulatief: voor AA haal je alle A-criteria plus de AA-criteria, voor AAA alles samen.
| Niveau | Criteria in WCAG 2.2 | Wat het betekent |
|---|---|---|
| A | 31 | De ondergrens. Zonder dit is je site voor een deel van je bezoekers onbruikbaar. |
| AA | 24 extra, samen 55 | Het niveau waar de Europese normen en wetgeving naar verwijzen. |
| AAA | 31 extra, samen 86 | Aanvullend en niet voor alle content haalbaar. |
Het verschil is goed te zien aan contrast: AA vraagt 4,5 op 1 voor normale tekst (1.4.3), AAA vraagt 7 op 1 (1.4.6).
Andere AAA-criteria vragen een gebarentaalversie bij opgenomen video (1.2.6), tekst op het niveau van lager secundair onderwijs (3.1.5) of klikdoelen van 44 bij 44 pixels (2.5.5).
Zinvolle eisen, maar ze raken je redactieproces in de kern.
Waarom AA de praktijknorm is
AA is de praktijknorm omdat de regelgeving daarnaar verwijst, niet omdat AAA te moeilijk zou zijn.
De European Accessibility Act, richtlijn 2019/882, is van toepassing sinds 28 juni 2025 en stelt functionele toegankelijkheidseisen.
De technische lat wordt in de praktijk afgeleid uit de Europese norm EN 301 549, maar die norm is voor de EAA nog niet in het Publicatieblad aangehaald en levert dus nog geen formeel vermoeden van conformiteit.
Die norm verwijst naar WCAG niveau AA en de webtoegankelijkheidsrichtlijn voor overheidssites hangt aan dezelfde norm.
Welke versie van EN 301 549 op een gegeven moment formeel geciteerd is, verschuift en daarmee ook of WCAG 2.1 of 2.2 de referentie is.
Wil je dat vastleggen in een toegankelijkheidsverklaring, laat de exacte norm en versie dan juridisch nakijken.
Daar komt bij dat W3C zelf afraadt om AAA voor een hele site te eisen, want niet alle AAA-criteria zijn voor alle content te halen.
Een nieuwssite met dagelijkse video kan geen gebarentaalversie garanderen en dan zakt je hele verklaring op een belofte die niemand had moeten doen.
AA is haalbaar en aantoonbaar, dus dat is de lat die je vastlegt.
Of je die lat ook publiek moet verantwoorden, lees je in mijn artikel over of een toegankelijkheidsverklaring verplicht of niet is.
Of de EAA op jouw site van toepassing is, hangt af van wat je aanbiedt, dus laat dat juridisch toetsen.
Ik schreef eerder wanneer de European Accessibility Act voor jouw website geldt.
Waar je begint als je nog niets hebt
Je hoeft de 86 criteria niet te kennen om te beginnen.
Drie dingen geven in een uur al een eerlijk beeld: de site volledig met tab doorlopen en kijken of je altijd ziet waar je staat, de koppenstructuur nalopen van h1 tot h3 en je belangrijkste formulier bekijken op labels en foutmeldingen.
Automatische tools zoals Lighthouse en axe DevTools horen erbij, maar ze vinden maar een deel van de problemen.
Een goede score zegt op zich weinig, want een alt-tekst die er staat maar niets beschrijft telt als correct.
Tools voor de basis, handwerk voor de rest.
Welke tools je waarvoor gebruikt en wat je zelf met de hand naloopt, werk ik stap voor stap uit in mijn artikel over hoe je je website op toegankelijkheid test.
Loop je vast op een auditrapport waar niemand mee aan de slag gaat, of wil je toegankelijkheid vanaf de architectuur meenemen? Bekijk wat een toegankelijkheidstraject inhoudt of leg je situatie voor via contact.
Ik bekijk je aanvraag en geef binnen 24 uur een eerlijk beeld van wat er nodig is.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de vier principes van toegankelijkheid?
Waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust, in het Engels POUR.
Elk van de 86 succescriteria in WCAG 2.2 valt onder een van die vier principes.
Waarneembaar gaat over informatie opnemen, bedienbaar over gebruik zonder muis, begrijpelijk over taal en voorspelbaarheid, robuust over wat hulpsoftware kan uitlezen.
Ze gelden voor de volledige interface, dus ook voor formulieren en dynamische onderdelen.
Welke soorten toegankelijkheid zijn er?
In WCAG bestaan er geen soorten toegankelijkheid, maar vier principes en drie conformiteitsniveaus.
Wel wordt vaak op doelgroep onderscheiden: visueel, auditief, motorisch en cognitief.
Dat helpt om te begrijpen waarom een criterium bestaat, maar niet om ernaar te werken, want een enkele fout raakt meestal meerdere groepen: een ontbrekend label breekt zowel de schermlezer als de spraakbesturing.
Wat betekent robuust in WCAG 2.2?
Robuust is het kleinste en meest technische van de vier principes: twee succescriteria, over naam, rol en waarde (4.1.2) en over statusmeldingen (4.1.3).
Hulpsoftware moet kunnen uitlezen wat een element is, in welke staat het staat en wat er net veranderde.
Een zelfgebouwde tabcomponent zonder rollen en states is voor een schermlezer een rij losse links.
Succescriterium 4.1.1 over parsing is in WCAG 2.2 vervallen, want moderne browsers vangen kapotte HTML zelf op.
Hoe moeten websites toegankelijk zijn?
In de praktijk op WCAG 2.2 niveau AA, dat zijn 55 succescriteria inclusief niveau A.
Die lat komt uit de nieuwste versie van de Europese norm EN 301 549, waar de Europese toegankelijkheidsregels op teruggrijpen.
Die versie is nog niet aangehaald in het Publicatieblad, dus formeel geldt WCAG 2.1 niveau AA nog als vertrekpunt; wie nu bouwt kan het best meteen op 2.2 AA mikken.
De European Accessibility Act, van toepassing sinds 28 juni 2025, noemt zelf geen WCAG-versie maar functionele eisen.
Of jouw site eronder valt en welke norm dan precies geldt, hangt af van wat je aanbiedt, dus laat dat juridisch toetsen.
Wat is het verschil tussen niveau A, AA en AAA?
Het zijn geen drie soorten toegankelijkheid, maar drie drempels binnen dezelfde set criteria en ze zijn cumulatief.
Niveau A telt 31 succescriteria, AA voegt er 24 aan toe en komt zo op 55, AAA voegt er nog 31 bij en komt op alle 86.
Het verschil is goed te zien aan contrast: AA vraagt 4,5 op 1 voor normale tekst (1.4.3), AAA vraagt 7 op 1 (1.4.6).
AAA vraagt daarnaast zaken als een gebarentaalversie bij opgenomen video en dat raakt je redactieproces in de kern.
Waarom is niveau AA de praktijknorm en niet AAA?
Omdat de regelgeving naar AA verwijst, niet omdat AAA te moeilijk zou zijn.
De technische lat wordt in de praktijk afgeleid uit de Europese norm EN 301 549 en die norm verwijst naar WCAG niveau AA.
Daar komt bij dat W3C zelf afraadt om AAA voor een hele site te eisen, want niet alle AAA-criteria zijn voor alle content te halen.
Een nieuwssite met dagelijkse video kan geen gebarentaalversie garanderen.
AA is haalbaar en aantoonbaar, dus dat is de lat die je vastlegt.
Een vraag over dit onderwerp?
Beschrijf kort je situatie, dan laat ik weten wat er speelt en wat het zou kosten. Zonder offertetraject.